nieuwsbrief

Schrijf je hier in
Dirk Deschrijver

De monniken van Rochefort

26-9-2017

In de dit jaar toch drukke komkommertijd viel een bericht op in de pers over de reden waarom de monniken van Rochefort ­belasting willen betalen (1).

 Al meer dan een eeuw, sinds 1899, brouwen zij hun bekende bier. Het gaat om een van de zes authentieke trappistenbieren die België rijk is. Met wat de monniken verdienen aan de verkoop, onderhouden zij hun abdij en gemeenschap. De rest gaat naar liefdadigheid. En sinds 1971 brengen zij hun activiteiten daarvoor onder in een vereniging zonder winstoogmerk.

Onlangs echter, zo vervolgt het bericht, vond een “stille revolutie” plaats in de abdij. De gemeenschap heeft haar vereniging tot een naamloze vennootschap “omgedoopt” onder de naam “Brasserie des Trappistes de Rochefort”. Het betreft een zogenaamde “filialisering” van die economische activiteit (2). Waar de brouwerij vroeger geen winst mocht uitkeren aan haar leden, zal dat nu wel kunnen aan de vennoten (3) van de vennootschap. Alleen, daar moet nu ook vennootschapsbelasting op worden betaald. Zoals in de pers werd opgemerkt, kan die ernstig oplopen, gelet op de jaarresultaten van de abdij en brouwerij. In 2016 maakte Rochefort 6,8 miljoen euro winst op een omzet van 14,4 miljoen euro. In 2015 ging het om 7,4 miljoen euro op een omzet van 12,9 miljoen euro. Er werd daar kennelijk geen vennootschapsbelasting op betaald. Die zou meer dan 2,2 miljoen euro hebben bedragen. In de rechtspersonenbelasting is daar geen belasting op verschuldigd.

Wat drijft de monniken? De woordvoerder van de abdij roept met zoveel woorden transparantie in, een heden ten dage alle geledingen van de maatschappij doordringend belangrijk principe: “De verandering moet onze commerciële activiteiten helderder maken. Gezien het huidige politieke klimaat – met mensen en bedrijven die geen of weinig belastingen betalen, en politici die zaken doen die niet erg proper zijn – wil de abdij er niet van beticht worden dat we ons achter een vzw-structuur verschuilen om buiten de wet te staan. We willen net zoals andere belastingplichtigen onze bijdrage betalen” (4).

Er zijn in het stelsel van de vennootschapsbelasting ook voordelen. Investeringen zijn fiscaal aftrekbaar. En verliezen kunnen overgedragen worden, anders dan in de rechtspersonenbelasting.

Maar de vraag is hier of de vereniging zonder winstoogmerk wellicht al niet veel eerder vennootschapsbelasting had dienen te betalen. Van een louter bijkomende economische bedrijvigheid ten aanzien van de ideële bedrijvigheid in de zin van artikel 182, 3° WIB 1992 was kennelijk geen sprake meer. Werd wellicht een aanslag in de vennootschapsbelasting in hoofde van de vereniging zonder winstoogmerk verwacht?

Hoe het ook zij, de argumentatie inzake de vereiste transparantie komt wat merkwaardig over, temeer wanneer ook in beschouwing wordt genomen dat de Belgische verenigingswereld toch moeilijk in verband kan worden gebracht met fenomenen zoals deze van een aanzienlijke belastingvermijding of -ontduiking, in vergelijking met wat zich bijvoorbeeld in het algemeen heeft voorgedaan met de “tax shelter”-industrie in de Verenigde Staten van Amerika meer dan tien jaar geleden (5). Ook van laakbare verloningspraktijken in verenigingen en stichtingen lijkt in het algemeen in België geen sprake te zijn. Opvallend is weliswaar dat in het Belgisch recht ter beteugeling van zulke handelwijzen van bestuurders geen zulke specifieke belastingregels bestaan (6).

Dirk Deschrijver,
24 september 2017

1 “Les moines de Rochefort passent en SA pour payer l’impôt”, L’Écho 10 augustus 2017.

2 Op te merken valt dat naar komend recht (nieuw Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen) ook verenigingen zonder winstoogmerk onbeperkt economische activiteiten zouden kunnen gaan ontwikkelen, zonder echter enige winst te kunnen uitkeren aan hun leden.

3 Het betreft de verenigingen zonder winstoogmerk “Abbaye Notre-Dame de Saint-Remy à Rochefort” en de “Trappisten van Westmalle”.

4 “Waarom de monniken van Rochefort belasting willen betalen”, De Standaard 10 augustus 2017.

5 Hierover werd een lezenswaardig boek geschreven door de juristen T. ROSTAIN en M.C. REGAN, Confidence Games: Lawyers, Accountants, and the Tax Shelter Industry (Boston, The MIT Press, 2014).

6 Anders dan bijvoorbeeld in de Verenigde Staten van Amerika, waar de Belastingdienst op te hoge vergoedingen aan bestuurders van een van belasting vrijgestelde vereniging of stichting in zoverre een belasting van 25% kan heffen. Het betreft de zgn. “excess benefit transaction” regels in §§ 4958 e.v. van de “Internal Revenue Code”; zie nog: J.F. COVERDALE, “Preventing insider misappropriation of not-for-profit health care provider assets: a federal tax law prescription”, Washington Law Review 1998, 1; en https://www.irs.gov/charities-non-profits/charitable-organizations/intermediate-sanctions-excess-benefit-transactions.

Reacties

Geef een reactie

Open Source Services Do-it-yourself Ask An Expert
Over Scwitch Contact